Biografie

Hans Fritzsche

Duitsland

Deel

Hans Fritzsche was een senior nazifunctionaris van het Rijksministerie van Propaganda. Hij stelde voor de stad over te geven aan het Rode Leger.

Hans werd op 21 april 1900 geboren in Bochum als zoon van een postbeambte. Hij diende in 1918 in het leger tijdens de Eerste Wereldoorlog en was actief in rechts georiënteerde persbureaus in de Weimarrepubliek. In 1932 werd hij chef van het persbureau van de Duitse regering onder rijkskanselier Franz von Papen, dat onderdeel werd van het nieuwe Reichsministerium für Volksaufklärung und Propaganda (Rijksministerie van Volksvoorlichting en Propaganda) nadat Hitler aan de macht kwam. In 1938 werd Hans Fritzsche hoofd van de persafdeling van het ministerie. Tijdens de oorlog bleef hij een van de meest vooraanstaande radiocommentators. Na een korte periode als lid van een propaganda-organisatie aan het oostfront werd hij in november 1942 benoemd tot hoofd van de radioafdeling van het ministerie van Goebbels. Ook was hij verantwoordelijk voor de politieke organisatie van de Duitse radio.

In april 1945 bleef Fritzsche in Berlijn en was hij aanwezig in de Führerbunker toen Adolf Hitler en Eva Braun daar zelfmoord pleegden. Nadat ook Goebbels, die elke poging tot overgave verbood, zelfmoord had gepleegd, begaf Fritzsche zich naar het kantoor van het propagandaministerie bij de Rijkskanselarij aan de Wilhelmplatz. Hier stelde hij een capitulatiebrief op, gericht aan maarschalk Georgi Zjoekov. Ondanks de poging van generaal Wilhelm Burgdorf om hem tegen te houden, ging Fritzsche naar de Sovjetlinies en bood hij aan de stad over te geven aan het Rode Leger. Hij beweerde de hoogstgeplaatste ambtenaar te zijn die nog in Berlijn was.

Op 2 mei 1945 gaven vertegenwoordigers van het 8e Gardeleger hem opdracht het capitulatiebevel voor te lezen op de radio. Hierna werd Fritzsche gevangengenomen en hielp hij de overblijfselen van de familie Goebbels te identificeren bij de Führerbunker. Vervolgens werd hij naar de Loebjanka-gevangenis gestuurd en later werd hij overgebracht naar Neurenberg. Hier werd hij, samen met 23 andere personen, berecht door het Internationaal Militair Tribunaal wegens oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid. Hij werd vrijgesproken, maar werd later door een Duitse denazificatie-rechtbank alsnog tot acht jaar gevangenisstraf veroordeeld. In 1950 werd hem gratie verleend en trouwde hij met zijn tweede vrouw. Hans Fritzsche overleed op 27 september 1953 in Keulen aan kanker.